Amsterdamse School aan de Sluiskade NZ

Amsterdamse School aan de Sluiskade NZ

Door Hans Krol

De foto van het “oude Erasmus” aan de Sluiskade NZ. is genomen in de winter. De iele bomen dragen geen blad. Het zelfde geldt voor de blauweregen die tegen de voorgevel omhoog kruipt. Het water van het Almelo Nordhorn Kanaal ligt verzonken tussen de beide oevers onzichtbaar voor ons. Wat we zien is niet het rimpelende kanaalwater waar de wind over waait, maar de Sluiskade ZZ. waar de fotograaf staat om zijn foto te nemen. De functie van de twee witte paaltjes is onduidelijk.
Het dateren van de foto is lastig. Vlak na de Tweede wereldoorlog werden snel groeiende peppels geplant op het voorplein van de school , die na veertig jaar aan het eind van hun leven waren. Takken vielen naar beneden en bedreigden de hoofden van leerlingen en daken van de kleine auto’s van docenten, die daar geparkeerd stonden. Een kapvergunning werd aangevraagd en een aantal buren schoot in de stress , omdat hun uitzicht dreigde te veranderen. Na langdurig overleg staakten zij hun geraas in ruil voor drie langzaam groeiende gingko’s.

De foto zal daarom genomen zijn voor de tweede wereldoorlog en na 1926, toen de Rijks HBS werd opgeleverd. Almelo had al sinds 1874 een HBS aan de Hofstraat, maar vijftig jaar later was dat gebouw volledig verouderd. De financiering van onderhoud en onderwijs van de HBS was de gemeente Almelo te begrotelijk geworden, waardoor in 1919 Den Haag haar verantwoordelijkheid nam. De HBS werd een Rijks HBS. Economisch ging het Nederland in de jaren twintig voor de wind. Het zal meegespeeld hebben bij het besluit om na vijftig jaar in Almelo een nieuw gebouw voor de HBS neer te zetten. De gemeente stelde aan de Noordzijde van het Almelo- Nordhornkanaal een fors stuk grond beschikbaar, zodat de school ook een aantrekkelijk sportveld kreeg. De Rijksgebouwendienst gaf vervolgens Gerrit Westerhout (1893-1976), die voor de dienst al de Rijks HBS in ter Apel had ontworpen, de opdracht om hetzelfde te doen voor Almelo.

Het gebouw werd in 1926 opgeleverd. De reacties waren wisselend. Westerhout zelf gaf aan dat hij geïnspireerd werd door de Amerikaanse architect Frank Lloyd Wright. Wie de foto’s bekijkt van de “prairie villa’s”, die Wright bouwde tussen 1906 en 1910, ziet duidelijk een aantal overeenkomsten met het ontwerp van Westerhout. De villa’s zijn opgetrokken uit baksteen, hebben een duidelijke horizontale lijn en een sterk overstekende kap. Wright zelf had in de jaren twintig deze bouwstijl overigens al weer achter zich gelaten. De Amsterdamse School heeft op Westerhout ook invloed gehad. Naast de drie genoemde elementen paste hij bij het Erasmus een gele baksteen toe met een diepe donkere voeg. De horizontale lijn is imposant, maar rustig. In tegenstelling tot de hoogtijdagen van de Amsterdamse School ontbreekt de golvende lijn. Waar de Amsterdamse School de façades volop versierde met ornamenten is dat bij het Erasmus uitermate beperkt. In Ter Apel bouwde Westerhout nog in rode baksteen en paste veel meer ornamenten toe. Hij gaf de HBS daar volop hoeken, die een golfbeweging suggereren. In Almelo ontbreekt die golf en is de ornamentering simpel. Wel is bij de hoofdingang rechts een lamp met gietijzeren versiering in zwart aanwezig.
In feite is in het schoolgebouw aan de Sluiskade al de invloed te zien van het Nieuwe Bouwen, waarvan J.J.P. Oud en Gerrit Rietveld de exponenten waren. De façade is rustig met haar strakke horizontale lijn. De ramen in het rechter deel van het hoofdgebouw staan verticaal in ritme met een onderbreking op één derde. Ze werden in de jaren twintig uitgevoerd in staal. De ramen links boven de lerarenkamer met het balkon staan horizontaal net als in de tweede verdieping en het deel dat dwars op de Sluiskade staat. In de foto ontbreekt rechts de conciërgewoning en de langgerekte fietsenstalling voor de leerlingen.
De toenmalige directeur dr. Ahasuerus Valeton vroeg begin 1926 of de oplevering in de zomer plaats zou kunnen vinden, zodat verhuisd kon worden in de grote vakantie. Het mocht niet baten. De oplevering vond in het najaar plaats. De officiële opening volgde op 18 december 1926. Oud-leerlingen schonken de school bij die gelegenheid een prachtig glas-in-lood-raam van de hand van Joep Nicolas, de eerste uit een beroemde familie van glazeniers, waarvan het werk in de kerk van Tubbergen te bewonderen is. Het raam is nog te zien in de huidige conciërgekamer, maar valt jammer genoeg nauwelijks op. De school zat in het jaar van de opening ruim in haar jasje met minder dan 200 leerlingen. In de jaren dertig zou dit aantal nog wat dalen, dankzij de economische crisis en de concurrentie met het Christelijk Lyceum. De jaren van de Tweede Wereldoorlog waren chaotisch. Verschillende keren werd het gebouw geconfisqueerd door de bezetter en o.a. gebruikt als lazaret. Onderdak werd gevonden in het Christelijk Lyceum op de hoek van de Vriezenveenseweg en de Ootmarsumsestraat.
De protestanten kregen les in de ochtend, de openbaren in de middag. Uiteindelijk moest zelfs uitgeweken worden naar het oude HBS-gebouw aan de Hofstraat. De enige joodse docent, mevr. Heimans voor het vak geschiedenis, kreeg ontslag toen zij de ariërverklaring niet kon ondertekenen, zoals haar collega’s. Zij wist onder te duiken en hervatte haar lessen eind april 1945 vlak na de bevrijding van Almelo. Het aantal Joodse leerlingen dat de oorlog niet overleefde is (mij) onbekend.
In juli 1944 werd Dr. Cornelis Karel Zuur tot directeur benoemd. Hij zorgde na de oorlog voor groei van de school. Eerst door uitbreiding in 1948 met een Gemeentelijk Gymnasium en vervolgens door toevoeging van een gemeentelijke Middelbare Meisjesschool (MMS). Vanaf dat moment was dhr. Zuur rector en het Erasmus een Lyceum. Twaalf, dertien jaar na het eind van de oorlog diende zich de geboortegolf aan. Het leerlingenaantal groeide verder en in de tuin aan de Sluiskade kant werd een noodgebouw gezet. Uiteindelijk stonden er twee barakken achter de school op het sportveld. Begin jaren zestig werd financiering gevonden voor verbouw en uitbreiding. Het gymnasium verhuisde in 1963 naar de Wilhelminaschool aan het Schalderoi om sloop en nieuwbouw mogelijk te maken. In die oude basisschool zaten de vensterbanken in de klaslokalen zo laag dat overstappen naar de Hagengracht in lestijd geen probleem opleverde om ijs te halen bij Talamini. De noodzakelijke vernieuwbouw in de jaren zestig was echter een aanslag op het bestaande gebouw.
De sloop en nieuwbouw werd in twee fases uitgevoerd. Aan de rechterkant -de oostzijde- werd de rijwielstalling voor de leerlingen gesloopt en verplaatst naar het voorplein aan de westkant. Dwars op het oude gebouw -parallel aan de kanaalweg- verrees de aula. Een multifunctionele ruimte voor gym, toneel, eindexamens en grote ouderavonden. Onder het toneel werden twee kleine kleedkamers aangelegd met spiegels voorzien van een rijtje lampen. Belichting en een doek ontbraken de eerste jaren. Parallel aan hoofdgebouw, maar lager, werden aan de achterzijde een kantine, een tekenlokaal en een scheikundelokaal gebouwd. Dit nieuwe deel was vanaf de straat niet te zien. Alleen een torentje steekt sinds dat moment aan de rechterkant boven het originele dak uit. Op verzoek van Cees Zuur rector én astronoom werd deze folly gebouwd om naar de sterren te kijken.
De linkervleugel –de westkant- werd gesloopt en vervangen door een L-vorm uitgevoerd in een lichtere steensoort en met ramen groter en anders van vorm dan in het hoofdgebouw. De vorm van de kapconstructie werd wel herhaald.
In de rechte hoek van die L werd later “de nieuwe gymzaal” gebouwd onzichtbaar vanaf de straat en met enige regelmaat onbruikbaar, omdat de vloeren onder water stonden.

Binnen vernietigde de nieuwbouw vrijwel alle elementen van de Amsterdamse School . De originele hal was donker en aan de kleine kant, maar had een indrukwekkende trap van graniet die zigzaggend naar de eerste en tweede verdieping omhoog liep. Het hele trappenhuis werd weggebroken. Een bredere trap werd rechts in de hal gebouwd in het verlengde van het nieuwe gedeelte.
De achterwand van de nieuwe hal werd naar achteren verplaatst. De grote ramen gaven meer licht. De originele vloertegels met hun rood, blauw, zwart en witte lijnen werden uitgebroken en vervangen door een grijsvlak van leisteen. Op de eerste en tweede verdieping gebeurde hetzelfde, zij het dat de tegels vervangen werden door grijs-groen linoleum

De Amsterdamse School verdween daarmee in het interieur. In het hele gebouw zijn nu nog slechts vier gangen met die kleurrijke originele tegelvloeren. In de hal werd tegen een nieuwe muur misschien ter compensatie een groot, kleurig, maar onbestemd mozaïek geplakt. In dit vernieuwde gebouw werd kort daarna groots het 100-jarig bestaan gevierd.
In het laatste kwart van de 20ste eeuw werd het gebouw met rust gelaten. De economische crisis van de jaren tachtig en een licht dalend leerlingenaantal stonden geen verbouwingen meer toe. Begin deze eeuw werd wel met de gemeente Almelo een felle strijd geleverd over de vervanging van de stalen ramen in het oudste deel aan de Sluiskade. Ooit werden de CV-ketels gestookt met grote brokken cokes, die de conciërge er ’s winters dagelijks inschepte. Na de Tweede Wereldoorlog werd het gebouw verwarmd met stookolie tot de aansluiting op het aardgasnet. De energierekening liep echter steeds verder op. Een betere isolatie lag voor de hand, maar het hoofdgebouw was ondertussen op de gemeentelijke monumentenlijst geplaatst, waardoor het lang duurde voordat beide partijen een acceptabele oplossing hadden gevonden, die de façade intact liet en toch de gewenste isolatie opleverde. De nieuwe ramen van dubbel glas kregen een wat bredere witte rand, waardoor de raampartij meer opvalt, maar tegelijkertijd het oude beeld intact laat.

Rond de eeuwwisseling, in de harde concurrentiestrijd om de leerlingen, werd het noodzakelijk om een grotere variatie aan onderwijsproducten aan te bieden. Om dans, muziek en drama een aantrekkelijke plaats te geven was de aula uit de jaren zestig daarvoor niet meer geschikt . Samen met een lift werd aan de achterkant een theaterzaal gebouwd, waar ook grote groepen ouders ontvangen konden worden. In de pauzes aten de leerlingen er hun brood of de zoetigheid uit de automaten met achterlating van grote hoeveelheden vuil, zodat ook weer opruimploegen moesten worden ingesteld. De sfeer in het gebouw was echter uitstekend en de eindexamenresultaten lagen meestal boven het landelijk gemiddelde. Met de komst van de drama-afdeling en het technasium, plus het klassieke gymnasium kon de Havo/Vwo- afdeling van het Erasmus de concurrentie makkelijk aan. Het leerlingenaantal steeg naar de 1100. Samen met de modernisering van het onderwijs werd nieuwbouw opnieuw noodzakelijk. Op de zolder onder de hanenbalken was al voor leerlingen en leraren een ict-ruimte ingericht net als op sommige overlopen op de eerste en tweede verdieping. Een meer radicale oplossing was noodzakelijk.

Tussen 2013 en januari 2016 werd in twee fasen door architect Roy van Mechelen van bureau Mijn Architect voor een bedrag van 6 miljoen euro met liefde gesloopt en gebouwd met respect voor het gebouw uit 1926. Iets Amsterdamse School kwam zelfs terug. Achter links werd de “nieuwe gymzaal” uit de jaren zestig gesloopt. Op de lege plek kwamen 2 gymzalen met daar bovenop een luxe ingerichte ruimte voor leerlingen om te leren en relaxed huiswerk te maken. De centrale hal werd omgetoverd tot een chill- ruimte. De Amsterdamse School kwam terug doordat vanaf de hoofdingang een nieuwe zichtlijn werd gecreëerd doorlopend vanaf de hoofdingang naar de nieuwe achterwand en het sportveld door gele baksteen te gebruiken met een diepe donkere voeg. De entree herhaalt zich doordat aan de achterzijde het voetpad van de hoofdingang zich voortzet naar het sportveld. In de gangen is het kleurloze linoleum vervangen door streeppatronen die een herinnering oproepen aan de tegelpatronen van de Amsterdamse School. De fietsenstalling voor de leerlingen werd opnieuw verplaatst. Nu fietsen de leerlingen links langs de school naar een fietsenstalling achter het gebouw. Het “oude Erasmus” aan de Sluiskade NZ is een modern ingerichte school geworden, waar het prettig werken en leren is, terwijl het gebouw nog steeds voor iedereen die voorbij komt en naar binnen stapt allure en uitstraling heeft.

 

 

De Stichting staat ingeschreven bij de K.v.K. onder nummer 41031148 - Privacyverklaring

Word donateur